Buitenland
Hongkong: de geleidelijke wurging van democratie en vrijheid
China heeft Hongkong niet met één klap ingelijfd, maar door een stelselmatige afbouw van autonomie en vrijheid. De belofte van 1997 is een dode letter geworden.
Toen Hongkong op 1 juli 1997 door het Verenigd Koninkrijk werd overgedragen aan China, werd de bevolking een plechtige belofte gedaan. Hongkong zou geen gewone Chinese stad worden. Onder het principe ‘één land, twee systemen’ zou het gedurende minstens vijftig jaar zijn kapitalistische economie, onafhankelijke rechtspraak en fundamentele vrijheden behouden.
Die belofte werd vastgelegd in de Chinees-Britse Gezamenlijke Verklaring en vervolgens in de Basic Law, de grondwet van Hongkong. Daarin staat letterlijk dat Hongkong over een ‘hoge mate van autonomie’ beschikt. De vrijheid van meningsuiting, persvrijheid, vrijheid van vergadering en het recht om te demonstreren werden uitdrukkelijk gegarandeerd. Het bestaande maatschappelijke en economische systeem zou tot 2047 ongewijzigd blijven.
Op papier leek het een historisch compromis. In werkelijkheid bleek het vooral uitstel van executie.
Een systeem van geleidelijke wurging
China heeft Hongkong niet van de ene dag op de andere ingelijfd. Peking koos voor een geleidelijke wurging. Elke politieke crisis werd gebruikt om de autonomie wat verder af te bouwen. Elke protestbeweging werd aangegrepen om nieuwe beperkingen in te voeren. Iedere toegeving werd gevolgd door een volgende eis.
De protesten van 2019 als keerpunt
In 2019 wilde de regering een uitleveringswet invoeren waardoor inwoners van Hongkong mogelijk aan het Chinese gerecht konden worden overgeleverd. Miljoenen inwoners kwamen opnieuw op straat. Wat begon als protest tegen één wet, groeide uit tot een bredere beweging voor democratie, rechtszekerheid en bescherming tegen de Chinese staatsmacht.
Tijdens die protesten kwam het ook tot geweld, vernielingen en zware confrontaties met de politie. Deze ontsporingen mogen niet dienen als excuus om de democratische beweging te criminaliseren.
Peking gebruikte de onrust om in 2020 rechtstreeks een nationale veiligheidswet aan Hongkong op te leggen. Begrippen zoals ‘afscheiding’, ‘ondermijning’, ‘terrorisme’ en ‘samenspanning met buitenlandse krachten’ werden bijzonder ruim omschreven. Politieke standpunten die vroeger tot het normale democratische debat behoorden, leiden voortaan tot jarenlange gevangenisstraffen.
Daarmee veranderde de rechtsstaat fundamenteel. Ook woorden, slogans, internationale contacten, verkiezingscampagnes en oproepen tot sancties worden als bedreigingen voor de nationale veiligheid beschouwd.
Verkiezingen zonder echte oppositie
In 2021 hervormde Peking vervolgens het kiesstelsel. Alleen zogenaamde ‘patriotten’ mochten Hongkong nog besturen. Kandidaten werden vooraf politiek gescreend. Het aandeel rechtstreeks verkozen parlementsleden werd verkleind en de democratische oppositie werd zo goed als uit het parlement verwijderd.
Het begrip ‘patriot’ betekende iemand die de leiding van de Chinese Communistische Partij niet ter discussie stelde. Dat zijn geen vrije verkiezingen meer. Het zijn verkiezingen waarbij de machthebber vooraf bepaalt wie oppositie mag voeren en hoe ver die oppositie mag gaan.
Ook de vrije pers werd aangepakt. De democratisch gezinde krant Apple Daily moest in 2021 sluiten nadat tegoeden werden bevroren en leidinggevenden werden gearresteerd. Journalisten, academici, kunstenaars en ondernemers moesten zichzelf censureren.
De veiligheidswetten stapelen zich op
In 2024 keurde Hongkong daarbovenop de zogenaamde Artikel 23-wet goed. Die bestraft onder meer verraad, opruiing, sabotage, spionage en buitenlandse inmenging. Voor bepaalde feiten kan levenslange opsluiting worden opgelegd. De wet heeft ook gevolgen voor gedragingen buiten Hongkong.
De behandeling verliep opvallend snel en het parlement keurde de tekst unaniem goed. De oppositie is monddood gemaakt.
Stabiliteit zonder vrijheid is geen democratische stabiliteit.
Joshua Wong als waarschuwing
Joshua Wong zit momenteel al een gevangenisstraf van vier jaar en acht maanden uit wegens ‘samenzwering tot ondermijning’. Zijn misdrijf bestond uit zijn betrokkenheid bij onofficiële democratische voorverkiezingen in 2020.
Nu heeft Wong ook schuld bekend aan samenspanning met buitenlandse krachten. Hij wordt ervan beschuldigd samen met andere activisten buitenlandse regeringen te hebben opgeroepen sancties tegen China en Hongkong in te voeren. Daarvoor riskeert hij een bijkomende gevangenisstraf van drie tot tien jaar en in het zwaarste geval zelfs levenslang.
De selectieve verontwaardiging van het Westen
Het Westen heeft altijd een eigenaardige houding tegenover China aangenomen. Westerse regeringen spreken graag over democratie en mensenrechten zolang daar geen te hoge economische of diplomatieke prijs tegenover staat. Zodra toegang tot de Chinese markt, handelscontracten, investeringen of geopolitieke belangen in het gedrang komen, blijken grote principes vaak opvallend rekbaar.
Toen het Chinese Volksbevrijdingsleger in 1950 Tibet binnentrok en het gebied vervolgens onder Chinese controle bracht, bleef internationaal optreden uit. De Verenigde Naties namen in 1959, 1961 en 1965 wel resoluties aan over de schending van de mensenrechten, godsdienstvrijheid en het zelfbeschikkingsrecht van de Tibetanen. China ondervond daarvan uiteindelijk weinig praktische hinder. Tibet verdween langzaam uit de politieke actualiteit, terwijl de Chinese greep op de Tibetaanse cultuur, religie en samenleving steeds sterker werd.
Ook tegenover de behandeling van de Oeigoeren bleef de reactie ontoereikend. Volgens een onderzoek van het Mensenrechtenbureau van de Verenigde Naties vonden in Xinjiang grootschalige willekeurige en discriminerende opsluitingen van Oeigoeren en andere overwegend islamitische minderheden plaats. De Verenigde Naties stelden dat de omvang van die praktijken mogelijk internationale misdrijven, in het bijzonder misdaden tegen de menselijkheid, kan vormen.
Er volgden veroordelingen, rapporten en enkele sancties. Maar de economische betrekkingen met China gingen verder. Bedrijven bleven produceren, regeringen bleven onderhandelen en consumenten bleven goedkope Chinese goederen kopen.
Hetzelfde patroon zien we in Hongkong. Westerse regeringen spreken hun bezorgdheid uit wanneer activisten worden opgesloten, kranten worden gesloten en verkiezingen worden uitgehold. Vervolgens gaat men over tot de orde van de dag.
Vooral de houding van Groot-Brittannië verdient kritiek. Londen droeg Hongkong in 1997 over op basis van een internationaal verdrag en nam zich voor de naleving ervan te blijven volgen. Sinds de overdracht publiceert de Britse regering daarom iedere zes maanden een rapport over de uitvoering van de Chinees-Britse Gezamenlijke Verklaring.
De Britse regering heeft de nationale veiligheidswet een duidelijke en ernstige schending van het overdrachtsakkoord genoemd. Ze creëerde bovendien een speciale verblijfsroute waardoor inwoners met de status British National Overseas en hun gezinsleden zich in Groot-Brittannië kunnen vestigen.
Groot-Brittannië registreert nauwgezet hoe China zijn afspraken schendt, maar beschikt niet over middelen of politieke bereidheid om Peking werkelijk tot naleving te dwingen.
Dezelfde leiders die tegenover andere landen met sancties, diplomatieke druk en morele veroordelingen zwaaien, worden veel voorzichtiger wanneer het over China gaat. Mensenrechten zijn blijkbaar geen universeel beginsel, maar afhankelijk van de economische belangen.
De belofte van 1997 is uitgehold
Hongkong bezit nog altijd een eigen munt, een afzonderlijk douanegebied en een kapitalistische economie. Ook delen van het eigen rechtssysteem bestaan voort, maar de democratie is onbestaand. Binnen afzienbare tijd zal China Taiwan innemen. Onze economische afhankelijkheid is ondertussen zo groot dat ook daartegen nauwelijks actie zal worden ondernomen.
Het gele gevaar is nog nooit zo groot geweest.
Bronnen
- Basic Law van Hongkong – autonomie en behoud van het bestaande systeem
- Basic Law van Hongkong – grondrechten en vrijheden
- Britse regering – halfjaarlijkse rapporten over Hongkong sinds 1997
- Britse regering – de British National Overseas-verblijfsregeling
- Verenigde Naties – resolutie over Tibet en het zelfbeschikkingsrecht
- VN-Mensenrechtenbureau – onderzoek naar de behandeling van Oeigoeren in Xinjiang
- Reuters – Hongkong keurt de Artikel 23-veiligheidswet goed
- Associated Press – veroordeling van 45 democratieactivisten
- Reuters – Joshua Wong bekent schuld aan samenspanning met buitenlandse krachten
- Amnesty International – de nieuwe vervolging van Joshua Wong
Reacties 0
Reageren kan als abonnee. Log in met uw e-mailcode of word abonnee.
Nog geen reacties. Wees de eerste om te reageren.