Binnenland
Zuhal Demir en de verstikkende drang om alles te regelen
Demirs beleid draait om controle en verplichtingen, van asbestattesten tot onderwijshervormingen. Maar burgers en leerkrachten verlangen juist rust, vertrouwen en werkbare oplossingen.
Er bestaat in Vlaanderen de overtuiging dat elk maatschappelijk probleem opgelost raakt met nieuwe regels, bijkomende verplichtingen, controlemechanismen en nieuwe organisaties. Weinigen belichamen die mentaliteit sterker dan Zuhal Demir.
Op haar vorige kabinet leverde die regeldrift al een schoolvoorbeeld af van bureaucratische ontsporing: het verplichte asbestattest. Een peperduur document dat duizenden Vlamingen verplicht moeten laten opmaken wanneer zij hun woning verkopen. Een attest dat nergens ter wereld bestaat. Zelfs Wallonië heeft het niet. Vlaanderen daarentegen kreeg er opnieuw een verplichte administratieve kost bovenop.
Het typeert een bestuursstijl die steeds minder vertrouwt op gezond verstand, verantwoordelijkheid en vrijheid, maar steeds meer op controle, verplichtingen en procedures. Ironisch genoeg ligt die aanpak ideologisch dichter bij Vooruit dan bij N-VA, een partij die beweert te staan voor minder overheid, minder betutteling en meer efficiëntie.
België verzuipt al jaren in regels. Werken, ondernemen, bouwen, verbouwen, verhuren of investeren wordt steeds ingewikkelder gemaakt door een opeenstapeling van attesten, vergunningen, controles, rapporten, verplichtingen en administratieve valstrikken. De overheid lijkt burgers te zien als potentiële overtreders die permanent moeten worden gecontroleerd.
Die verzadiging van regels heeft Demir nog niet begrepen.
Onderwijs als volgende prooi van bestuurlijke willekeur
Ook daar gedraagt zij zich steeds als een olifant in een porseleinenwinkel. In snel tempo volgen nieuwe hervormingen, ingrepen, schaalvergrotingen en besparingsoperaties elkaar op. Scholen, leerkrachten en directies krijgen almaar minder ademruimte om zelf pedagogische keuzes te maken. Alles moet efficiënter, strakker en beter meetbaar.
Maar onderwijs is geen fabriek.
De toon van haar beleid verraadt een diep wantrouwen tegenover de professionele ervaring van leerkrachten. Alsof decennialange praktijkervaring minder waard is dan managementmodellen. Alsof onderwijs vooral draait om tabellen en efficiëntie-indicatoren.
Steeds meer leerkrachten waarschuwen dat onderwijs hierdoor zijn menselijke dimensie verliest. Redelijkheid wordt voorgesteld als teken van laksheid of toegeeflijkheid.
Een leerling met zware angstproblemen, medische moeilijkheden of psychologische kwetsbaarheid is geen administratief dossier, maar een mens van vlees en bloed. Wanneer scholen steeds minder ruimte krijgen om daar verstandig mee om te gaan, verliest het onderwijs zijn pedagogische ziel.
Achter termen als ‘flexibilisering’ en ‘efficiëntere organisatie’ ziet het onderwijsveld vooral harde besparingen. Grotere klasgroepen, graadklassen en schaalvergroting betekenen in de praktijk minder individuele aandacht voor leerlingen.
En precies dat is dramatisch in een tijd waarin jongeren kampen met prestatiedruk, kwetsbaarheid en een groeiend gevoel van eenzaamheid.
Levensbeschouwelijke vakken zijn vaak één van de laatste plaatsen waar nog ruimte bestaat voor gesprekken over twijfel, geweten, verantwoordelijkheid, dood of zingeving. Dat net die ruimte wordt afgebouwd, is bijzonder zorgwekkend.
De vermoeidheid binnen het onderwijs
Wat vandaag vooral opvalt, is de vermoeidheid binnen het onderwijs tegenover een beleid dat steeds meer vertrouwt op managementtaal en publieke profilering.
Leraren hebben ondertussen hervormingen meegemaakt die elkaar tegenspraken. Onderwijs draait niet om politieke profilering. Niet om managementmodellen. Niet om slogans. Een school is geen onderneming.
Maar precies dat dreigt steeds vaker de onderliggende filosofie van het beleid te worden.
Het tragische is dat politici zoals Zuhal Demir vaak denken daadkrachtig over te komen door voortdurend nieuwe regels, hervormingen en verplichtingen op te leggen. In werkelijkheid groeit bij burgers, leerkrachten, bevolking en ondernemers vooral uitputting. Mensen verlangen niet voortdurend nieuwe regels. Ze verlangen rust, eenvoud, vertrouwen en werkbare oplossingen.
Goed bestuur: minder regels, meer vertrouwen
Na jaren van bureaucratische verstikking zou een overheid eindelijk eens moeten leren dat niet elk probleem opgelost raakt door opnieuw een regel toe te voegen.
Soms is goed bestuur precies het tegenovergestelde: minder bemoeienis, minder controle en meer vertrouwen in de mensen op het terrein.
Bronnen
- Facebook-post Wim Vander Cruyssen, 17 juni 2025
Reacties 0
Reageren kan als abonnee. Log in met uw e-mailcode of word abonnee.
Nog geen reacties. Wees de eerste om te reageren.