Binnenland
België: een wereldvreemd beleid door gebrek aan private-sectorervaring in de politiek
80% van de staatsinkomsten komt uit de private sector, maar slechts 20% van de ministers heeft ervaring in het bedrijfsleven. Dat leidt tot een beleid dat ondernemers als een geldautomaat ziet en innovatie negeert. Tijd voor een emancipatie van de private sector in de politiek.
België is een land van paradoxen. De private economie is de motor van onze welvaart: ondernemingen, zelfstandigen en werknemers creëren de economische activiteit waarop de overheid haar inkomsten – belastingen, btw, sociale bijdragen en vennootschapsbelasting – baseert. Naar schatting komt 80% van de staatsinkomsten uit de private sector. Zonder een sterke private sector bestaat er geen welvaartsstaat.
Toch is diezelfde private sector opvallend ondervertegenwoordigd in de politieke besluitvorming. Wanneer we de loopbanen van onze regeringsleden bekijken, valt op dat slechts een absolute minderheid vóór haar politieke carrière een substantiële loopbaan heeft opgebouwd in de private sector. Maximaal 20% van onze ministers heeft enige ervaring in het bedrijfsleven. De overige 80% groeide op binnen kabinetten, partijstructuren, parlementen, de overheid of de academische wereld. Bijna de volledige politieke top kijkt vanuit dezelfde achtergrond naar de economie.
Een beleid dat ondernemers als geldautomaat ziet
Dat creëert zeer veel negatieve effecten. Het gevolg is een beleid dat de private sector beschouwt als een onuitputtelijke geldautomaat. Wanneer begrotingen ontsporen, kijkt men steeds naar hogere belastingen, extra bijdragen of nieuwe heffingen. Bijna geen aandacht gaat naar de vraag hoe ondernemingen sterker, competitiever en innovatiever kunnen worden. Economische vernieuwing en technologische vooruitgang zijn bijna onbekende begrippen in onze politieke debatten.
Wie nooit zelf een onderneming heeft geleid, personeel heeft aangeworven, lonen heeft betaald, investeringsrisico heeft gedragen of internationale concurrentie heeft gevoeld, onderschat de impact van elke nieuwe verplichting of extra document. Voor ondernemers betekent die oneindige administratieve rompslomp duizenden uren extra administratie. En dat doet onze productiviteit kelderen.
België behoort vandaag al tot de landen met de hoogste belastingdruk van Europa. Ondernemers worden geconfronteerd met een steeds groeiende berg vergunningen, rapporteringsverplichtingen, controles en regelgeving. Jaar na jaar produceert de overheid nieuwe wetten, terwijl veel bedrijven vooral nood hebben aan stabiliteit, eenvoud en rechtszekerheid.
Ministers zonder bedrijfservaring op cruciale posten
Opvallend is dat zelfs op economische ministersposten ruime ervaring in het bedrijfsleven ontbreekt. Federaal bouwde minister van Begroting Vincent Van Peteghem zijn carrière uit in de academische wereld en de politiek. Dat maakt hem wereldvreemd tegenover de realiteit van ondernemers. Minister van Middenstand en KMO’s Eléonore Simonet heeft geen enkele connectie met de private sector. Enkel minister van Economie David Clarinval vormt een uitzondering met ervaring in een familiebedrijf, net zoals minister van Financiën Jan Jambon, die actief was bij IBM.
Ook op deelstaatniveau zien we hetzelfde patroon. In Vlaanderen bouwden minister-president Matthias Diependaele en minister van Werk en Economie Melissa Depraetere hun loopbaan uit binnen de politiek. In Wallonië geldt hetzelfde voor minister-president Adrien Dolimont en minister van Economie Pierre-Yves Jeholet, wier professionele ervaring zich volledig buiten het bedrijfsleven situeert.
Structureel probleem: groepsdenken in de politieke top
Het probleem is structureel. Wanneer bijna iedereen in de ministerraad dezelfde publieke achtergrond heeft, ontstaat groepsdenken. Dan dreigt de politieke besluitvorming steeds verder af te drijven van de dagelijkse realiteit van ondernemers en werknemers in de private economie. Dat leidt tot een beleid dat niet alleen wereldvreemd is, maar ook contraproductief.
Nochtans steunt onze hele welvaartsstaat uiteindelijk op de economische activiteit die in die private sector wordt gecreëerd. Zonder winst geen investeringen. Zonder investeringen geen groei. Zonder groei geen extra jobs. Zonder jobs geen belastinginkomsten om onze pensioenen, gezondheidszorg, onderwijs, politie en sociale zekerheid te financieren.
Tijd voor emancipatie van de private sector in de politiek
Net zoals politieke partijen vandaag streven naar een evenwicht tussen mannen en vrouwen op hun verkiezingslijsten, zouden zij ook moeten streven naar een evenwicht tussen mensen uit de publieke en de private sector. Enkel dergelijke emancipatie kan leiden tot een betere besluitvorming.
Mijn voorstel is eenvoudig: laat politieke partijen zich engageren om minstens de helft van hun verkiesbare kandidaten te rekruteren uit mensen die gedurende vele jaren aantoonbare ervaring hebben opgedaan in de private economie als ondernemer, bedrijfsleider of werknemer met substantiële verantwoordelijkheden.
Een democratie wordt sterker wanneer ook de mensen die onze welvaart creëren daadwerkelijk mee aan de bestuurstafel zitten. Respect voor de democratie betekent ook respect voor de hand die haar voedt.
Bronnen
- FOD Financiën – Overheidsontvangsten en Belgische belastingstructuur;
- Nationale Bank van België – Nationale rekeningen en overheidsfinanciën;
- OESO (OECD) – Revenue Statistics en Government at a Glance;
- Officiële websites van de federale regering en de regeringen van Vlaanderen, Wallonië en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest (biografieën van ministers).
Reacties 0
Reageren kan als abonnee. Log in met uw e-mailcode of word abonnee.
Nog geen reacties. Wees de eerste om te reageren.