Economie
50% minder nieuwbouw: hoe onze overheden de bouwsector kapotmaken
De Belgische bouwsector staat op instorten door overmatige regels, fiscale druk en trage procedures. Met 40% minder vergunningsaanvragen en een leeglopende particuliere bouwmarkt dreigen tienduizenden jobs te verdwijnen.
De Belgische bouwsector is al jarenlang een van de sterkste economische motoren van ons land. Hij zorgt rechtstreeks en onrechtstreeks voor meer dan 300.000 jobs en vertegenwoordigt ongeveer 5 à 6% van het Belgische bbp.
Elke euro die in de bouw wordt geïnvesteerd, vloeit bovendien deels terug naar de overheid via btw, registratierechten, loonbelastingen en sociale bijdragen. Net daarom is het bijzonder verontrustend dat de sector vandaag stilvalt.
De cijfers liegen er niet om
In Vlaanderen daalde het aantal vergunningsaanvragen voor nieuwe woonprojecten van 19.603 in 2019 naar slechts 11.727 in 2025, een terugval van ongeveer 40%. Ook het aantal geplande nieuwe wooneenheden zakte van 73.776 naar amper 41.157, een daling van 44%. Daarmee bereikt de nieuwbouwmarkt het laagste niveau in vele jaren.
Nog opvallender is de evolutie bij particuliere bouwers. Waar in 2021 nog 14.391 gezinnen een aanvraag indienden om zelf een woning te bouwen, waren dat er vorig jaar nog slechts 7.750. In amper vier jaar tijd is dat aantal bijna gehalveerd.
Een mijnenveld van regels en procedures
Dit alles is geen toeval. Het is het voorspelbare gevolg van jarenlang politiek beleid waarin steeds meer lasten, regels, vergunningen en procedures werden opgelegd. Bouwen is geëvolueerd van een relatief overzichtelijk traject naar een juridisch, technisch en fiscaal mijnenveld. Energie-eisen, ventilatievoorschriften, waterbeheer, PFAS-regels, akoestiek, mobiliteit, stikstofdossiers, eindeloze beroepsprocedures en lokale eigenaardige interpretaties maken projecten almaar duurder en onzekerder.
Wie vandaag wil investeren in de bouw, weet niet wanneer hij ooit zal mogen beginnen.
Fiscale wurggreep
Daarbovenop werd bouwen ook fiscaal veel minder aantrekkelijk. Voor een nieuwbouw bestaat vandaag meer dan 40% van de totale kostprijs uit belastingen, btw, registratierechten en loonlasten. Dat is een bijzonder zware fiscale druk op een activiteit die nochtans essentieel is voor onze economie én voor betaalbaar wonen.
Het gevolg laat zich raden. Projecten worden uitgesteld, investeerders haken af en bouwbedrijven zien hun orderboeken leeglopen. Faillissementen nemen toe en duizenden vakmensen dreigen hun werk te verliezen. Tegelijk blijft de vraag naar woningen stijgen, waardoor het woningtekort verder oploopt en de prijzen onder druk blijven.
Men droomt wel van duizenden sociale woningen, maar die blijken compleet onbetaalbaar. De overheid legt immers maandelijks gemiddeld €500 per woning bij. Dat is een onbetaalbaar kostenplaatje dat alleen maar oploopt.
Een vicieuze cirkel die moet doorbroken
België dreigt in een vicieuze cirkel terecht te komen. Minder bouwactiviteit betekent minder economische groei, minder werkgelegenheid, minder belastinginkomsten en een groter woningtekort. Vervolgens probeert de overheid haar dalende inkomsten te compenseren met nog hogere belastingen, waardoor investeren nog minder aantrekkelijk wordt.
Het is tijd voor een fundamentele politieke koerswijziging.
Wat moet er gebeuren?
Vergunningen moeten binnen duidelijke termijnen worden afgeleverd. De administratieve rompslomp moet drastisch worden verminderd. Gezien het woningtekort moeten de volumes van meergezinswoningen stelselmatig hoger. Dat zal ook de bouwkosten doen dalen. De fiscale druk op bouwen moet omlaag door het opnieuw fiscaal aftrekbaar maken van hypothecaire leningen.
Zonder een sterke bouwsector zal België niet alleen minder woningen bouwen, maar opnieuw een belangrijk deel van zijn economische motor verliezen.
Bronnen
- Embuild Vlaanderen (Bouwbalans 2025-2026);
- Omgevingsloket Vlaanderen;
- Statbel.
Reacties 0
Reageren kan als abonnee. Log in met uw e-mailcode of word abonnee.
Nog geen reacties. Wees de eerste om te reageren.